Startpagina | Wat is er nieuw | Foto's | (Levens)verhalen | Bronnen | Rapporten | Kalender | Begraafplaatsen | Grafstenen | Statistieken | Familienamen
Voeg bladwijzer toe

Aantekeningen


Stamboom:  

Treffers 951 t/m 1,000 van 5,456

      «Vorige «1 ... 16 17 18 19 20 21 22 23 24 ... 110» Volgende»

 #   Aantekeningen   Verbonden met 
951 Datum en plaats betreft aangifte. van Aalderen, Jan (I11598)
 
952 Datum en plaats betreft aangifte. van Aalderen, Albertus (I13314)
 
953 David Hombart j.m. soldaat onder de compagnie van de hr. capiteijn Ooms
Lijstbeth van der Woude j.d. op de nieuwe kamp
get. Capiteynen eenheit en Anna Lijsbeth van der Woude, moeder den bruyts 
Gezin F223749047
 
954 David Hombart laet na sijn vroue de mundige kind in't achterom aen de nieuwe kamp Hombart, David (I23494)
 
955 David Humbertus j.m. Chrirugijn onder de het rotmeest van der Leck in garnisoen tot Gorkom
Susanna Moeton j.d. van Uttrecht woonende achter Jacobikerck
Pieter Hombertus vader der bruydegoms
Susanna Moetun moeder van de bruyt
proclamatie tot Gorkum
vidimus te trouwen in Jacobikerk
10 mey getrout 
Gezin F223749050
 
956 De Weeskamer van Ridderkerk 1 geeft dd. 15-7-1634 een akte van uitkoop van Maeritge
Jacobs, wed. van Thonis Aerts Heymans zal., geass. met Andries Jacobs Capteyn van Mijns-
heerenland ten eenre en Cornelis Aerts als voogd van zes minderjarige kinderen, waarvan Ja-
cob, oud 17 iaar en Aryen 13 jaar met name genoemd worden en Cornelis Ariens als man en
voogd van Lijsbeth Thonis ten andere. 
Mariken Jacobsdr (I1116)
 
957 De afkomst van Gondioc is onduidelijk. Volgens de Frankische bisschop Gregorius van Tours zou hij afstammen van de Visigotische koning Athanarik († 381), maar er zijn meer redenen om aan te nemen dat hij een zoon of familielid van koning Gundahar was.
Het grootste deel van zijn leven stond in het teken van de strijd. Als koning Gundahar in 436 sneuvelt en volgens berichten het merendeel van zijn volk werd vermoord, komt Gundioc in beeld als nieuwe aanvoerder van de Bourgondiërs die als generaal in dienst van de Romeinen diverse militaire diensten verrichtte. Hij sticht een koninkrijk als rond 455 het Romeinse gezag in Gallië ineenstort, waarin hij een strikte scheiding doorvoert tussen de oorspronkelijke bevolking, en de eigenlijke Bourgondiërs die een militaire kaste vormden.
Gundioc was getrouwd met een zuster van Ricimer, opperbevelhebber van het Romeinse leger in Italië. Hij had vier zonen, Gundobad, Godigisel, Chilperic II en Gundomar. Toen na zijn dood in 473 het koninkrijk onder zijn zonen werd verdeeld brak er een burgeroorlog uit.
[wikipedia] 
Gundioc (I20790)
 
958 De akte vermeld van Livinus Wolfers "wiens leven of dood onbekend is" Gezin F251
 
959 De als broers vermelde personen zijn beide fictief en genoemd op basis van patroniem van hun kinderen. Het is dus puur speculatie gebaseerd op de gedeelde familienaam van veronderstelde kinderen dat deze fictieve personen broers zouden zijn. NN (I18762)
 
960 De doopakte is van Nederlandshervormde kerk maar er wordt vermeldt dat de moeder Rooms Katholiek is. Er is geen vader vermeldt op de doopakte Toorens, Cornelis (I19899)
 
961 De doopboeken vermelden totaal 8 dopen met vader Henrici Bax en een moeder Catharina. Echter Catharina komt voor met 4 verschillende patroniemen en slechts 1 keer met de familienaam van Loenhout. Het is dus onduidelijk of dit elke keer de zelfde Catharina betreft Bax, Henrici (I6028)
 
962 De familienaam Dingstede is hoogstwaarschjinlijk ontleedt aan het landgoed Dingstede vlak bij Meppel. Hoewel nu in Overijssel behoorde dit gebied vroeger bij Drenthe en was eigendom van het bisdom Utrecht. De kinderen hier genoemd zijn de in NL 1974 col 120 onder E. genoemde broers. De genealogie is grotendeels gereconstrueerd aan de hand van vermeldingen van de 30e en 40e penning in de archieven van Drente te vinden op www.drenlias.nl aangevuld met DTB gegevens van de zelfde site.

Nadere informatie over het goed Dingstede te vinden op deze site bij https://database.onze-voorouders.nl/getperson.php?personID=I17694&tree=1

NL 1960 col 42 e.v.
NL 1974 col 116 e.v.

Op grond van timing gekoppeld aan vader Jacobs uit NL1974 
Jan (I17029)
 
963 De geboden moeten ook te Middelburg gaan wijl de bruid aldaar onlangs gewoond heeft Gezin F36
 
964 De grafzerk van Jan en Stijntje vermeld ook nog een MM Romijn-Appeldoorn geb 1 apr 1922 ovl 6 jan 1954 Romijn, Jan (I3371)
 
965 De grenzen voor de geboortjejaren zijn ruwe schattingen.
Er kan echter geen twijfel bestaan dat alle kinderen van Soetien zijn, zoals blijkt uit diverse testamenten waarin kinderen worden vermeld. 
Gezin F223748672
 
966 De heilige Ida van Nijvel (ca. 592 - Nijvel, 8 mei 652), ook Itta of Iduberga genoemd, was de echtgenote van de zalige Pepijn van Landen (huwelijk 614) en de moeder van de heiligen Gertrudis van Nijvel, Begga en Bavo (Allowin van Haspengouw). Een andere zoon Grimoald werd net als zijn vader hofmeier van Austrasië. Ida was vermoedelijk dochter van heilige Arnoald. Ida stichtte kloosters in Nijvel (650) en in Fosses-la-Ville, na het overlijden van haar man. Zij wordt aangeroepen tegen de huidziekte erysipelas en tegen tandpijn. Haar feestdag is op 8 mei.
Daarnaast is er ook de mystica Ida van Nijvel (1190 - 1231). Zij was de geestelijke leidsvrouw van Beatrijs van Nazareth. De levensbeschrijving van Ida Nijvel is opgesteld in de zeventiende eeuw, waardoor men twijfelt aan de historische exactheid van deze biografie.
[wikipedia] 
van Nijvel, Itte (I20289)
 
967 De heilige Irmgard of Ermengarde was de dochter van graaf Hugo van Tours. Zij was voorbestemd om abdis te worden van de abdij van Bolzano. 15 november 821 trad zij echter in Thionville in het huwelijk met keizer Lotharius I en daarna werd ze voogdes van Bolzano. Een van haar kinderen was een dochter, Rotrude. In 849 stichtte zij samen met haar dochter in Erstein (Elzas) een vrouwenklooster. Rotrude werd de eerste abdis van het klooster. Irmgard kreeg vanuit Rome een groot aantal relieken geschonken voor het klooster. Sindsdien waren alle rijksvorstinnen ook abdis van dit klooster.
Irmgard is begraven in Erstein. Haar feestdag is op 20 maart.
[wikipedia] 
Ermengard (I1937)
 
968 De hier genoemde kinderen zijn niet onmiskenbaar verbonden aan Cornelis Heijndrickx....Hendrick en Barbara zijn inmiskenbaar broer en zus. En de kinderen van Hendrick Cornelis noemen zich Huysmans.
Het weer dat uit de erfenis van Pieter Cornelisz alias Ambachtsheer komt is nauw verbonden met het geslacht Huijsmans. Ene Hendrick Cornelisz wordt genoemd als bloetvoogt van het kind van Pieter C. alias Ambachtsheer. De schuld die de man van Barbara Cornelisz heeft uit staan bij PC alias Ambachtsheer legt de link dat dit Hendrick Cornelisz Huijsmans moet zijn. Dit is echter niet bewezen.
Met name de plaatsing van Adriaen Cornelisz is speculatief en wordt alleen gedaan op basis van de vermelding van zowel een Cornelis Hendricks (de vader van Hendrick Cornelisz) en Pieter Cornelisz. Het is echter onduidelijk of dit werkelijk de zelfde personen zijn als eerder beschreven. 
Cornelis Hendricks (I11068)
 
969 De huwelijksakte vermeldt de grootvader van Arien. Hiermee kon de link worden gelegt naar Hedel. Merkop dat de huwelijksakte van Arien vermeldt dat de overlijdensakte van deze grootvader per abuis de geslachtsnaam Ambachtsheer vermeldt in plaats van Ambagts. In werkelijkheid is de geslachtsnaam Ambagts van de moeder van Arie fout zoals ook uit de doopboeken van Driel blijkt. Gezin F223746428
 
970 De index op de huwelijksakte vermeld als ouders Boudewijn Ambagtsheer en Neeltje Bouman, dit is een incorrecte invoer. De akte zelf vermeld Heiljte Sterrenburg als moeder. Gezin F1294
 
971 De keuken vernieuwers Ambagtsheer, Ridderus Gerrit (I3691)
 
972 De kinderen van dit echtpaar worden bij naam genoemd in een akte uit het Schultenprotocol van Staphorst Gezin F223746777
 
973 De looproute van Jan Hubregtse van Antwerpen naar Sint-Omaars bij zijn krijgsgevangenschap in 1832

 
Hubregtse, Jan (I83)
 
974 De moeder van Willem die in 1212 overleed, maakte bezwaar tegen dit huwelijk. Hieruit volgt dat Willem vóór 1212 gehuwd moet zijn.
Van bezwaar van de zijde van zijn vader was geen sprake. Deze overleed in 1208. Zijn vader werd geboren in 1168. Stel dat hij op 18 jarige leeftijd huwde, dus in 1168+ 18= 1186, dan werd Willem dus na 1186 geboren. In 1208 was hij dan 22 jaar oud. Hij werd 1234- 1186= max. 48 jaar oud.
De bezwaren van zijn moeder (Clementina v. Gelre) hadden waarschijnlijk te maken met het standsverschil. Zowel de Heren v. Egmont als de Graven v. Gelre behoorden tot de Hoge Adel. De Heren v. Amstel waren ministerialen (niet vrije dienstmannen) van de Bisschop van Utrecht. Door een dergelijk huwelijk nam het aanzien van de familie af.
Door het huwelijk van een zoon van een edelman met een niet vrije vrouw, verkreeg deze zoon een lagere status dan die van zijn vader.
Welke Heer v. Amstel de vader van Badeloge was, is niet helemaal duidelijk. In de marge bij Woutersz. staat dat de vader van Badeloge volgens de Cronyken van Hollant, mede Heer v. Ysselstein was. Stel dat Badeloge in 1212 16 jaar oud was, dan werd zij geboren in 1212- 16= 1196. In 1196 was Gijsbrecht II (~ 1175- 1230) Heer v. Amstel. Vermoedelijk gehuwd met een Vrouwe van Schalkwijk. [Th. v. Amstel in de Heren van etc.] Zijn vader Gijsbrecht I was mogelijk gehuwd met een Vrouwe van Benschop uit wiens bezit ook Ysselstein (met de toen nog niet gebouwde burcht) stamde. Gouthoeven stelt op blz. 191: Hr. Engelbert (v. Amstel) die wan Vrouwe Badeloge, heer Willem v. Egmonts wijf. Br. 18307 noemt Engelbert v. Amstel. Engelbert of Egbert wordt vermeld ~ 1105- 1172. Zijn zoon was Gijsbrecht I, vermeld ~1145- † na 1188. Zij komen dus niet in aanmerking. 
van Egmont, Willem I (I2355)
 
975 De naam Corpershoek verrwijst hoogst waarschijnlijk naar het buurtschap Korpershoek bij Schipluiden. De naam verwijst naar een vijver met karpers waar ook een gelijknamige molen staat.

Relatie met de familienaam is nog onduidelijk
[http://cultuur.middendelfland.net/schipluiden/molenkorpershoek.htm] 
Corpershoek, Arent (I5717)
 
976 De naam van Hulsteijn zou verwijzen naar het huis Hulckesteijn nabij Oosterbeek aan de westkant van Arnhem. Het is onduidelijk waarom we dan de doop van Hendrik zouden moeten zoeken in Worth-Reden dat aan de oostkant van Arnhem ligt. van Hulsteijn, Hendrik (I2379)
 
977 De nakomelingen zijn uitvoering beschreven in de "Parenteel Luytgen Woutersz." van Marcel S.F. Kemp zoals gepubliceerd in "Utrechtse Parentelen voor 1650 deel I" een uitgave van Ons Voorgeslacht. Philips Eerstzn (I4920)
 
978 De overledene woonde in de Westewagestraet over de gouwe wagen de Swart, Maria (I23841)
 
979 De overlijdensakte bevat een fout in de zin dat als vader staat vermeld Harm Dokter in plaats van Teunis dokter. Dokter, Harm (I24718)
 
980 De staat van inventaris stamt van 16 mei 1707. Jan zal dus hoogstens enkele maanden daarvoor zijn overleden. Schauwerinck, Joannes (I21098)
 
981 De verbinding met de genoemde ouders blijkt dat de gedoopte kinderen gezamelijk worden genoemd in het testament van Francois Broodhagen hierin wordt vermeld Margrita Broodhagen in huwelijk hebbende Willem de Jongh Broothagen, Adriaen Jansen (I22218)
 
982 De vermelding van Willem Polfliet en zijn vrouw gevonden via het teruglopen in de generaties van Margriete Weyns de vrouw van Andries Verberckmoes op de CD van Jean-Piere van Eygen.

Op internet vond ik deze toelichting van Dr. H.C.E.M. Rottier:
Toen in de Middeleeuwen, meer bepaald in de 12e en 13e eeuw, de horigen tot vrije lieden werden verklaard, stelden ze zich veelal onder de hoede van een kerk of van een abdij, die hun status van vrij persoon kon garanderen. Van horigen van een of andere heer werden ze 'vrijgewijde dienstmannen' van een of andere patroonheilige van een kerk of van een abdij. De graven van Vlaanderen en hun leenmannen, waarvan de horigen voorheen afhankelijk waren, erkenden deze instelling. De hoofdcijnsen verbraken de strakke en beklemmende feodale banden waardoor de samenleving vrijer werd. Vooral de economie op het platteland, tegen de achtergrond van de grootschalige ontginningen die toen plaatsvonden, was gebaat bij vrijere sociale kaders.

In ruil voor de geboden bescherming verbond de vrijgewijde zich om aan de kerk of abdij jaarlijks een cijns (een soort belasting) per hoofd te betalen: voor hem, voor zijn vrouw, en voor elk van zijn kinderen. Vandaar de benaming 'hoofdcijns'. Trouwde een kind, dan dienden zes deniers (omgerekend naar de tegenwoordige geldwaarde een bedrag van grofweg zestig euro) betaald te worden. Bij een overlijden betaalden de erfgenamen twaalf deniers. Het contract dat zo tussen een vrijgewijde en een kerk of abdij werd gesloten, was eeuwigdurend. De verplichting tot het betalen van de hoofdcijns werd overgeërfd van de ene generatie op de andere, maar uitsluitend langs de vrouwelijke lijn. Zo moest een dochter uit een vrijgewijd gezin na haar huwelijk voor haar kinderen betalen aan de bezitter van de hoofdcijns waartoe haar moeder behoorde. Trouwde een zoon uit een vrijgewijd gezin, dan betaalde hij voor zijn kinderen aan de bezitter van de hoofdcijns waartoe zijn vrouw behoorde. Voor hemzelf bleef hij zijn leven lang in de hoofdcijns van zijn moeder betalen.

Voor de kerken en abdijen die het recht van hoofdcijns bezaten, was die instelling een vaste bron van inkomsten die eeuwenlang bleef vloeien. De hoofdcijns werd pas afgeschaft met de Franse Revolutie in 1792.

De personen die de cijnsen inden maakten geregeld lijsten op van hun cijnsplichtigen en vulden die lijsten nauwkeurig aan met nieuwe geboorten en huwelijken. Na verloop van jaren werden de oude lijsten door nieuwe vervangen, waarin de afgestorven generaties niet meer werden opgenomen. Gelukkig voor de moderne onderzoeker zijn de oude lijsten bewaard gebleven.

Omdat de cijnsverplichting uitsluitend langs de vrouwelijke lijn werd overgeërfd, werden de lijsten als volgt samengesteld:
1. Van elk gezin werden alle kinderen genoteerd, tenzij ze vroegtijdig stierven. Ook de onwettige kinderen en erkende bastaards werden ingeschreven.
2. Achter de naam van de dochter die huwde werd de naam van haar man opgetekend; maar achter de naam van de zoon die huwde, werd de naam van zijn vrouw niet bijgeschreven.
3. Achter de namen van gehuwde dochters en hun mannen werden weer hun kinderen ingeschreven enzovoort.

Waarschijnlijk hebben er hoofdcijnsboeken bestaan ook buiten het Land van Waas, maar die zijn verloren gegaan of nog niet tussen andere archivalia ontdekt. Dat die van het Land van Waas bewaard zijn gebleven, is te danken aan een gelukkig toeval.

In de hoofdcijnsboeken vindt men grofweg 5% tot 10% van de Waaslandse bevolking uit vroegere eeuwen terug. Immers niet iedereen werd in de hoofdcijnsboeken opgeschreven. Het ging om een minderheid van gegoeden die financieel in staat waren om de cijnsen te betalen. Zij die in de hoofdcijns van een kerk of abdij opgenomen waren, bezaten dus de status van vrij persoon, gewaarborgd door die kerkelijke instelling. Hieraan werd de naam ontleend van 'vrijgewijde dienstmannen'. En uit deze stand, die in de middeleeuwse teksten aangeduid werd als 'bene nati' (welgeborenen), of 'boni homines' (eerzame lieden) kwamen ondermeer de schepenen van de gemeenten en de vierschaar voor. Ze vormen de ervachtige mannen in die laghe landen, zoals de middeleeuwse historieschrijver Melis Stoke de cijnsplichtigen in zijn rijmkroniek van 1305 beschreef.

Dat het in de hoofdcijnsen om de gegoede laag van de bevolking ging blijkt ondermeer uit het feit dat vrouwen in de hoofdcijns, vanwege hun status van vrij persoon, huwbaar waren voor riddermatige mannen. De oude landadel, voorzover deze door de voortdurende onrust en oorlogen in de 13e en 14e eeuw verarmd was en geen riddermatige staat meer kon volhouden, smolt zelfs met de cijnsplichtige bevolking samen. Die sociale vermenging vloeide voort uit de rechtspositie - de status van vrij persoon - verbonden aan de hoofdcijns, die langs de vrouwelijke lijn overging, terwijl de riddermatigheid in mannelijke lijn vererfde. Jan de Neve, griffier van het Hoofdcollege van Waas van 1523 tot 1551 noteerde: 'eenighe van deze oude edele gheslachten zijn bij middel ende occasie van den oirloghe zoo civiele als andere gherechte gefailleert, eenighe sijn nog in wesen zoo inder werelt niet altijts gestandigh oft durable en es'. Vertaald naar modern Nederlands komt deze uitspraak van vierhonderdvijfig jaar geleden er op neer dat de klasse van hoofdcijnsbetalers deels uit oude gegoede families bestond, die door de ongunstige omstandigheden in de Late Middeleeuwen enkele treden terugzakten op de sociale ladder. Vooral de godsdienstroebelen in de 16e en 17e eeuw veroorzaakten nog meer verarming van dit voorheen welvarende deel van de bevolking van het Land van Waas. Vanaf het midden van de 16e eeuw vormden de cijnsplichtigen nog wel een enigszins bevoorrechte groep, maar het onderscheid met de rest van de bevolking was toen al veel minder geprononceerd dan voorheen.

[bron: http://users.skynet.be/jean-pierre.vaneygen/cyns/voorwoord.htm] 
Polfliet, Willem (I21735)
 
983 De vier kinderen genoemd in het huwelijkscontract van 1781 kunnen niet uit het huwelijk met Aaltje Lammers komen omdat ze dan in 1781 nog niet meerderjarig zouden zijn geweest en dan hadden ze dus niet als getuigen kunnen worden vermeld. Gezin F223749516
 
984 De volgende meldingen komen uit de kaartenbak van het Streekmuseum te Heinenoord

«b»10-6-1649;«/b» Nam besteding aan schoonmaken watergang tottet lant van Willem Cornelisse Besemer, om fl 2-18-0 (Polder NCromstr)
«b»25-12-1652;«/b» Koper van een huysgen en erve op schaftgeld aen de Groot-Comstrijensedijck aen t,westeijnde buijtendijcx. Voldaen met fl 102-0-0 van Dirck en Bastiaen Floren. (RA Cromstryen)
«b»13-7-1662;«/b» wonende aan de Groot-Cromstrijenschedijck is schuldig aan en t.b.v. Neeltie Pieters weduwe van Sander Pleunen fl 150-0-0, te betalen Bamis a.s. en een jaar 1663 met fl 3-10-0 interest van 't hondert, hiervoor verbindende zijn huis en melioratie van erve aan de dijk van Groot-Cromstrijen belent ront ommde de dijck. Onderte. door schout R.C. v.d. Lith en de schepenen: Cornelis Pietersz Ras en Adriaen Gijsbrechts van de polder (RA Cromstryen)
«b»17-6-1662;«/b» Koper van wintergarst op 260 1/2 roe land in Gr-Cromstrijen om fl 146-0-0. Ookk trekgeld fl 146-0-0 Borgen: Leendert Leenderts Goutswaert Thonis Jans Cleijn (RA Cromstryen)
«b»17-6-1662;«/b» Borg voor Gerrit Cornelisz Streefkerk (RA Cromstryen)
«b»27-4-1663;«/b» Verkoopt aen en t.b.v. Dirck Jansz Haverboer mede onse inwoonder een huys en erve staende aen de dijck van Groot-Cromstrijen aen de buitenberm op schaftgelt, belend ten Noorden Bastiaen Jansz ... en voldaen met fl 250-0-0. ondertek. door schepen Cornelis Pietersz Ras. (RA Cromstryen)
«b»1663 «/b»genoemd in quotisatie tot betalinge an de kercken van Cromstrijen; woonde waar nu Arij Jans Haver woont 
Ambachtsheer, Rochus Jans (I18761)
 
985 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. Levend (I16304)
 
986 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. Levend (I16305)
 
987 Decker int dop van de Ketel Leendert Jansz (I21366)
 
988 Decker int dorp Arij Jansz (I21372)
 
989 Deel van haar grafsteen gevonden onder een oude boerderij in de Wijk Venen, Jentje (I11439)
 
990 Deelt een gemeenschappelijke voorouder met Kitty Courbois (actrice) Courbois, Johanna Catharina (I16015)
 
991 Deeze is een Jood van geboorte, dog is na door mij onderwezen te zijn, zijn belijdenis afgelegt te hebben, door mij gedoopt den 6 april 1744 Sanders, Isaac (I22293)
 
992 Den ... september Evert van Hulstain en Berentje Everts een soon, Jan van Hulstein, Jan (I23829)
 
993 Den 1 juny 1657 een kint van Jan Jacobssen Wor genaemt Jacob de moeder Margareta van Diel
de getuygen den advocaet Denijn, Jacob Havelaer, Cornelia van Diel ende Margaret Baen 
Wor, Jacob Jansz (I24323)
 
994 Den 10 july Cornelis Pietersen kint gedoopt Grietgen genaemt getuigen waren Willem Janssen de Wael, Tryntgen Pieters Maertgen Cornelis Grietgen Cornelisse (I23747)
 
995 Den 10 maart is getrouwt Gerrit Samuels van Egmont weduwnaar laats wijlen Maria Eendenburg en
Maria Teunisse van Molanen weduwe wijlen Japik van den Akker bijde geboren en woonende alhier. 
Gezin F223749104
 
996 Den 10 majus op Hemelvaart Tonis ten Sijthooff Couper op de stadt sijn gekonne en kind gedoopt Geertruidt ten Sijthooff, Geertruidt (I20569)
 
997 Den 10 mey het soontje van Jan en Annigje op't R.V. gen.  ?? Jans (I24956)
 
998 Den 12 april 1738 zijn alhier in wettige ondertrouw opgenomen
Cornelis Jansz van Rijn j.m. van de Hoorn onder 't Hof van Delft en
Clara Ariens van der beek j.d. van Pijnacker
En zin alhier (nadata hare 3 huwelijkse voorstellinge zoo op 't Woudt als hier onverhindert gegaan sijn) getrouwt open 27 april 1738 
Gezin F223749034
 
999 Den 13 Maji
Gerrit Jansen van Ottesteijn, weduwnaar, soldat onder capitein Bolst
Stijn Aerntssen weduwe van Hans Velten woonende alhier
Test. capitanes Jaynus Francois, Gerrits Gerritsen, Aeltijen Janssen, Trijne Lodewijcks 
Gezin F223749173
 
1000 Den 13 februarij is gedoopt een soon van Frans Bastiaense ende Ariaentien Maertens heeft genoemt Bastiaen de getuige was Stijntien Engels Speelpenninck, Bastiaan Fransz (I1245)
 

      «Vorige «1 ... 16 17 18 19 20 21 22 23 24 ... 110» Volgende»