|
Startpagina | Wat is er nieuw | Foto's | (Levens)verhalen | Bronnen | Rapporten | Kalender | Begraafplaatsen | Grafstenen | Statistieken | Familienamen |
Treffers 1,101 t/m 1,150 van 5,456
| # | Aantekeningen | Verbonden met |
|---|---|---|
| 1101 | Ebalus werd in 890 graaf van Poitiers en hertog van Aquitanië als opvolger van zijn vader maar raakte in 892 zijn bezittingen kwijt aan Aymar van Angoulême die hem verdreef met hulp van Odo I van Frankrijk. Hij vond in 893 zijn toevlucht bij Geraldus van Aurillac en verbond zich daarna met Willem de Vrome van Auvergne, die in die periode de feitelijke heerschappij over Aquitanië verwierf. In 902 veroverde Ebalus de Poitou met een leger van Willem, en werd als graaf erkend door Karel de Eenvoudige met wie hij als kind was opgegroeid. Hij reorganiseerde het bestuur en gaf functies als lekenabt en burggraaf aan vertrouwde vazallen. In 904 veroverde hij ook de Limousin en in 911 was Ebalus een van de aanvoerders bij de overwinning op de Vikingen bij Chartres. Toen in 927 de zoons van Willem de Vrome kinderloos overleden benoemde de laatste Ebalus tot erfgenaam. Na diens overlijden werd hij hertog van Aquitanië, graaf van Berry, de Auvergne en Velay, en lekenabt van Saint-Hilaire. Koning Rudolf I van Frankrijk ontnam Ebalus in 929 de heerschappij over Berry. In 932 gaf Rudolf bovendien de titels van Aquitanië en Auvergne aan de graaf van Toulouse, en maakte van de Marche (tussen de Limousin en Poitou) een onafhankelijk graafschap. Ebalus deed in 934 een schenking aan de abdij van Saint Cyprien. Ebalus was een onechte zoon van Ranulf II van Poitiers. Ebalus was in 891 (in oktober 890 waren ze verloofd) gehuwd met Aremburgis en voor februari 911 met Emiliana (-ca. 934). [wikipedia] Ebalus Manzer was geboren uit een buitenechtelijke relatie met een onbekende vrouw. Ebalus´ bijnaam Manzer heeft aanleiding gegeven tot speculatie onder genealogen. Manzer is een bijnaan die in Zuid– Frankrijk nog een enkele keer voorkomt, en steeds bij een bastaard. Het woord heeft echter geen betekenis in een lokale taal van die tijd, maar wel in het Hebreeuws waar het bastaard zou betekenen. Hieraan wordt soms de speculatieve conclusies verbonden dat Ebalus moeder van Joodse afkomst zou zijn. [wikipedia] | Mancer, Ebalus (I20666)
|
| 1102 | Een Gerrit Willems Baartman wordt als getuige genoemt in het testament van Arien Teunisse Ambagtsheer en Deliaantje Ariens Vletter (ONA Hardinxveld 6; fol 341-343, dd 5-6-1743) | Baartman, Gerardus Willems (I16401)
|
| 1103 | Een kind van Hermannus van Aalderink op de omloop van grote Kerckhof | van Alderijk, Henricus (I15719)
|
| 1104 | Een kleinzoon heeft mij bevestigd dat deze Arie Ambachtsheer een zoon is van Cornelis Sparreboom en Clasina Ambachtsheer maar is geboren voor hun huwelijk | Ambachtsheer, Arie (I2962)
|
| 1105 | Een mogelijke voorouder van Aernt Worre is Jan Florence van den Wor die wordt genoemd in een quitantie uit 1305 als poorter van Dordrecht. tallen den ghuenen die deser letoren sullen sien joff horen lesen de Jacop Uten sacke poirter in Bruoghe saluut in onsen heer je doe u te wetene dat ick hebbe ontfanghen van Jan Florents van den Wor poirter van Dordrecht drie goudene grote van den sculden die mie dit van Dordrecht sent sen wan af je mie houder wert ghe- part ende verlonent dat of te quitane jeghem elken menscher in woonscepen van de .. … ghreghelt met .. .. .. ghende ghemaect ende ghegheven sondags vor dartien daich int jare ons Heren dusentichdriehondertendevive deze akte is ook opgenomen in een index van de regestenlijst van het archief toegang 131 inv 1851 akte 126. | Worre, Aernt (I24012)
|
| 1106 | Een op zich betrouwbare bron uit de 16e eeuw bekend als het Voorste Haagse Handschrift vermeldt nog 10 voorgangers van deze elfde heer van den Woude, alleen Jacob geheten. Dit zou betekenen dat de voorouders van deze Jacob zijn terug te voeren tot de eerste Jacob van den Woude die aan het eind van de 10e eeuw moet hebben geleefd. | van den Woude, Jacob (I23159)
|
| 1107 | Een uitgebreid relaas over Pieter Willemsz Penning vind je in Ons Voorgeslacht no 498 (zie bronvermelding) | Penning, Pieter Willemsz (I1596)
|
| 1108 | Een uitgebreid relaas over Pieter Willemsz Penning vind je in Ons Voorgeslacht no 498 (zie bronvermelding) | Penning, Willem Pietersz (I1592)
|
| 1109 | Een uitgebreid relaas over Pieter Willemsz Penning vind je in Ons Voorgeslacht no 498 blz 589 ev (zie bronvermelding) | Penning, Willem Pietersz "de Cleynen" alias Penninck (I1600)
|
| 1110 | Een uitwerking van dit gezin van Mr. C J Hunnik in een brief aan Hubert van Aalderen is te vinden op http://blog.onze-voorouders.nl/2009/12/de-kinderen-van-pouwel-assies.html. In een meer recente blog entry wordt de verbinding met het landgoed den Alerdinck gelegd http://blog.onze-voorouders.nl/2012/08/pouwel-assies-en-den-alerdinck.html Betaalt in 1675 hoofdgeld voor 3 personen boven de 16. Hij had dus minimaal 1 kind geboren voor 1659. Aangezien zijn dochter Fennigje al sinds 1674 in Zwolle woonde is dit vermoedelijk zijn zoon Hendrik die pas in 1678 met attestatie uit Heino als lidmaat in de kerk van Zwolle wordt aangenomen. Van dochter Evertje en zoon Gerrit vermoeden we dat zij nog geen 16 geweest kunnen zijn in 1675. Hieruit kunnen we de voorzichtige conclusie trekken dat de vrouw van Pouwel nog in leven was. Pouwel Assies komt juni 1692 met attestatie naar Zwolle vanuit Heino | Pouwel Assies (I12465)
|
| 1111 | Een van Jan Jacobs Wor genaemt Martijntgen de moeder Margrietje van Deyl de getuygen Gerrit Brederode, Anna Maes ende Lijsbeth van Deyl | Wor, Martijntgen Jansdr (I24322)
|
| 1112 | Eenmaal genoemd omstreeks 1200 | van Alkemade, Dirck (I2341)
|
| 1113 | Eerder weduwe van Willem Schooneman en van Cornelis van Helden. Uittreksel uit het overlijdensregister van Bergen op Zoom d.d. 29-12-1939 | Soeteman, Cornelia (I18885)
|
| 1114 | Eerder weduwnaar van Ariaantje Boelhouwer | Lagerweij, Johannis (I3399)
|
| 1115 | Eerder weduwnaar van Marigje van 't Verlaat | Versluis, Arie (I3151)
|
| 1116 | Egbert Dericxsen, backer Maricken Cornelisdr weduwe Lauorens Joosten beyde van Dordrecht getrout bij mij den lesten january XVC LXXXVIII | Gezin F223749295
|
| 1117 | Egbert was een zoon van graaf Liudolf van Brunswijk en Gertrudis van Billung. Van zijn vader erfde hij, tesamen met zijn broer, in 1038 het markgraafschap Brunswijk. Voor zijn Oostfaalse bezittingen was hij leenman van de bisschop van Hildesheim. In 1057 werd Egbert in één klap een belangrijke hoveling: een groep Saksische opstandelingen onder leiding van Otto, de buitenechtelijke zoon van Bernard II van Brandenburg, probeerde in een hinderlaag de zesjarige Hendrik IV (keizer) en zijn moeder Agnes van Poitou (1024-1077) te vermoorden. Egbert en zijn broer Bruno II kwamen Hendrik en zijn moeder te hulp en wisten de aanval af te slaan. Bruno sneuvelde bij de gevechten en Egbert werd zwaar gewond. Egbert genas en kreeg als beloning naast zijn eigen functies, ook de functies die zijn broer had gehouden. In die rol was hij vazal van de bisschop van Bremen. Ook trouwde hij in dat jaar de bijna twintig jaar oudere Ermengard van Susa, weduwe van Otto III van Zwaben, dochter van Manfred II Olderik van Turijn en een verwante van de keizerlijke familie. In 1058 nam Egbert deel aan de expeditie tegen graaf Floris I van Holland. In 1063 besliste hij in de stiftkerk van Goslar, de bloedige vete tussen de bisschop van Hildesheim en de abt van Fulda in het voordeel van de bisschop. Een koninklijk onderzoek naar de gang van zaken concludeerde dat Egbert daarbij geen misdaad had begaan. Egbert was in 1062 één van de deelnemers aan de ontvoering van de minderjarige Hendrik IV, wat een coup was tegen het regentschap van diens moeder. Toen Hendrik in paniek van een schip in de Rijn sprong, is Egbert hem nagesprongen en heeft hem zo het leven gered. Na de politieke ondergang van bisschop Adelbert van Bremen in 1066, wist Egbert zijn Friese goederen aan diens leenheerschap te onttrekken. In 1067 werd hij beleend met Meißen. Egbert maakte tijdens het kerstfeest van 1067 te Goslar, met Hendrik plannen om te scheiden van Ermengard om te trouwen met de jonge en rijke Adela van Leuven. Egbert heeft nog een brief geschreven over zijn voornemen tot scheiding en is daarna aan een plotselinge koorts overleden. [wikipedia] | van Meißen, Egbert I (I20915)
|
| 1118 | Egbert werd koning na het overlijden van zijn vader. Omdat hij minderjarig was, was zijn moeder regentes. Van hem is alleen bekend dat hij twee van zijn neven zou hebben laten doodmartelen (zoons van zijn oom Earmonred) en dat hij de kerk actief steunde. In 667 kiest hij samen met de koning van Northumberland, Wighard als bisschop van Canterbury maar die sterft direct na zijn wijding in Rome aan de pest. Ook helpt hij zendelingen en bisschoppen bij de bekering van de Angelsaksen en bij hun reizen naar Gallië en Rome. Ook sticht hij het klooster van Chertsey. [wikipedia] | van Kent, Erbgert I (I20775)
|
| 1119 | Eigenaar van het huis Waalburg op het dorp Ridderkerk. Opzichter bij de bedijking te Ridderkerk, collecteur van de kerkelijke goederen te Ridderkerk. | Baes, Cornelis Adriaensz (I20457)
|
| 1120 | Elisabet Anbagsheer | Ambagsheer, Pietertie (I3150)
|
| 1121 | Elisabeth Drinkveld huysvrou van Dirk de Witt, van den Uijthoorn met een schuijt alhier gebragt voor de middag om tien uuren | Drinckvelt, Elisabeth (I25446)
|
| 1122 | Elisabeth Hartenroth verlaate vrouw van Frans Rapalm met twee kinderen Jacobus en Pieter Urbanus, ontvangt bedeling tussen 1791 en 1799 | Hartenroth, Elizabeth (I25085)
|
| 1123 | Elisabeth Hombart huysvrouw van Matthijs van Leeuwen, alhier overleden onder de classe der onvermogende | Hombart, Anna Elisabeth (I23485)
|
| 1124 | Elisabeth van Visser | van Aalderen, Willem (I11334)
|
| 1125 | Emmichhuyser veen, Thonis ende Jacob Jans Drost in plaetse van haer vader, elff mergen 245 roeden 17-02-0. (GA Veenendaal 277a manuel van de cameraer blz.43 1653). Gijsbertje Everts, won. Renswoude, wed. Jacob Jans Drost, in leven weduwnaar van Maeyhje Jans, die zonder testament gestorven was. Zij bezitten een "cleijn stuckje goets" in Renswoude, erfpachtplichtig aan de Carthuijsers in Utrecht, en een zeer kleine inboedel met daar tegenover zeer veel schulden. De erfgenamen zijn: Jan, oudste broer en zwager, hij is niet aanwezig omdat hij "uitlandig" is, Cornelis, Evert, Johannes en Teuntje Jacobsen, getrouwd met Cors Jansz, alle kinderen zijn uit zijn eerste huwelijk. Zij machtigen Hendrick van Velthuijsen, scholtis van Renswoude, om al hun goederen te verkopen om daarmee zoveel mogelijk van de schulden te betalen. (Notarieeel Veenendaal 2189, nr. 172, 04-07-1686). | Drost, Jacob Jansz (I23607)
|
| 1126 | Enschede Graf G565; Oosterbegraafplaats | Jansen, Klazina (I12954)
|
| 1127 | Enschede Graf G565; Oosterbegraafplaats | van Aalderen, Hendrik Jan (I12650)
|
| 1128 | Epiph. V gedoopt het eerste kint van Derck ten Sijthof, Derck | ten Siethof, Derck (I20561)
|
| 1129 | Er behoorde geen onroerend goed tot de nalatenschap 49 jaar (geboren 11/5/1796 te Workum); landbouwer; man van Neeltje Gerrits Gerritsen, boerin; vader van Gerrit, boer in het Heidenschap o/Nijega, Woltje (vrouw van Freerk Jans Terpstra, arbeider in het Heidenschap o/Workum) en minderjarige Fouw, dienstmeid, Sybolt, Feddo, dienstmeid, Sietske, Gerke en Fokke Feites Hofman. | Hofman, Feite Fokkes (I24758)
|
| 1130 | Er behoorde onroerend goed tot de nalatenschap man van Hiltje Jannes de Wilde; vader van minderjarige Berend, Jannes, Jakobje, Aaltje, Pieter, Jan en Lammigje Jans Pomper. | Pomper, Jan Berends (I24782)
|
| 1131 | Er is enige onduidelijkheid over de vrouw van Gerard II van Egmont. Enkele bronnen noemen Mabelia zonder verdere aanduiding. Maar er is een bron die Mabelia van Abcoude noemt. Een andere bron noemt als eerste vrouw van Gerard, Beatrix van Haarlem. Andere bronnen hebben het over Elisabeth die een dochter was van de Heer van Montfoort. Over de kinderen zijn de bronnen het wel eens. Hoewel er ook een bron is die nog een verder niet benoemde Dirk als zoon noemt. | van Egmond, Gerrit II (I2353)
|
| 1132 | Er is geen doopvermelding gevonden van Kier met ouders Gerrit Kyrs en Geesje Arents Vermeldt in volkstelling 1748 als Kier van Dinghsteede en Harmiena Schruders met kinderen onder de 10 jaaren Marija, Geesien, Gerrijt en Arent. Dienstboden Arent Smet en Geertien Koers. Geen zonder boven de 10 jaaren vermeldt. Dit maakt de zoon Hendrick (19) een opvallende afwezige. [Hasselt en Hasseltercarspel, transcriptie volkstelling 1748; door Guus Edelenbosch] | Dingste, Kier Gerrits (I17326)
|
| 1133 | Er is geen huwelijk gevonden van dit paar. Mogelijk is het paar nooit getrouwd maar trokken ze slechts samen op. Dit kan betekenen dat het voorkind van Theresia ook van Levinus is. Hier is echter geen verdere aanwijzing voor. | Gezin F246
|
| 1134 | Er is geen kind gevonden in de doopboeken van Cornelis en Maritge dat Cornelis is genoemt. De doopboeken lijken echter wel compleet. Het kan zijn dat Cornelis Cornelis Huijsman (de jonge) niet een zoon van Cornelis Cornelis Huijsman (de oude) was maar een broer. Dit omdat wordt onderstreept omdat ook Cornelis de jonge twee zonen Cornelis noemde die allebei volwassen zijn geworden. | Huijsman, Cornelis Cornelisz de Jonge (I23537)
|
| 1135 | Er is ook nog een Marinus Wauwelaar getrouwd met Martina de Wale. Deze laat 28 jan 1725 een zoon Pieternella dopen met getuigen; Laurijs Verbrugge, Grans Wiitier, Margrita Wauwelaar (zuster) en Maria Ingels van de Velde (tante). Dit moet dus op basis van de getuigen de zoon van Pieter Hendricks Wawelaar en Elisabeth Ingels van de Velde zijn. Daarmee is duidelijk dat Martinus dus de zoon van Pieter Maartensoon Wawelaar moet zijn. De twee Pieters zijn neven van elkaar en hadden beide een vrouw genaamd Elisabeth. De naam van de dochter van Martinus geeft dus niet direct uitsluitsel wie zijn ouders zijn ook omdat er geen doopgetuigen zijn vermeld bij deze doop. | Wawelaar, Martinus (I20504)
|
| 1136 | Er is van deze geboorte geen doopinschrijving gevonden in Sas van Gent (noch katholieke noch hervormd) in de jaren 1760-1773 | Wolfers, Levinus (I517)
|
| 1137 | Er leefde gelijktijdig 2 verschillende Beertje Timmer's in Rossum. De andere is een volle nicht en dochter van Arien Hendricks TImmer en Lijsken Hendricks de Vries. De koppeling van deze Beertje aan vader Herman is gebaseerd op de vernoeming van de eerste dochter. De andere Beertje Timmer trouwde overigens met Geridt Lodewyckx van Avesaet. Zij laten ook een zoon Adriaen dopen | Beertje Timmer (I21295)
|
| 1138 | Er zijn geen bronnen bekent waarin Cornelis Wor uit Bleskensgraaf vermeld wordt als een Cornelis Pietersz. Ook zijn er geen bronnen bekent waarin Cornelis Pietersz Wor de zoon van Pieter Cornelissen Wor en Neeltje de Vos vermeldt wordt in relatie tot de timmersman knecht in Molenaarsgraaf die trouwt met Marigje van den Berg en zich vestigt in Bleskensgraaf. De koppeling van Cornelis Wor getrouwt met Marrigje van den Berg is enkel gebaseerd op een min of meer kloppende leeftijd en de namen van zijn kinderen Pieter en Neeltje. Wat niet klopt is dat Cornelis bij zijn huwelijk wordt vermeld als j.m. van Dordrecht terwijl hij gedoopt is in Rotterdam. Zijn ouders zijn echter zeer waarschijnlijk teruggekeerd naar Dordrecht omdat zijn moeder daar is begraven. Er lijkt echter ook geen alternatief te zijn. Geen andere Cornelis Wor heeft de juiste leeftijd of kan om andere redenen worden uitgesloten. | Wor, Cornelis (I24336)
|
| 1139 | Er zijn in Zelzate 3 huwelijken van Adriana Winne te vinden in korte opvolging van elkaar. 21 april 1693 Petrus Thoorens 18 juli 1702 Franciscus Tallaert 18 mrt 1705 Cornelius Gentbrugghe 21 april 1706 overlijdt Adriana Winne vr. van Cornelius Gentbrugge op 7 mei 1698 overlijdt een Petrus Thorens Het lijkt er dus op dat dit om de zelfde Adriana Winne gaat. | Gezin F223746022
|
| 1140 | Er zijn twee mogelijke dopen in het doopboek van Ridderkerk 1586-01-05 Willem v: Cornelis Ghijssensz m: Maritgen Willemsdr get: Heijndrick Jansz; Cornelis Adriaen Heijndricksz; Maritgen, Huijch Jorisz wijff met een tweelingzus 1586-01-05 Enghelken v: Cornelis Ghijssensz m: Maritgen Willemsdr get: Joris Meeusz; Maritgen, Adriaen Gheeritsz wijff; Jannitgen Cornelis Janszdr 1588-01-21 Willem v: Cornelis Jansz m: Marijtjen Willemsdr get: Leenaert Adriaensz; Haesken Jacobsdr op dit moment kan er nog geen keuze worden gemaakt. | Schansman, Willem Cornelisz (I4207)
|
| 1141 | Er zijn twee mogeljke dopen voor Pieter. optie 1: 9 jan 1677 Pieter ouders Barendt Warnier en Maria Teunis optie 2: 18 sept 1680 Pieter ouders Barent Woutersz en Catharijntje Pieters | Vermeulen, Pieter Barentz (I21635)
|
| 1142 | Eran Ambagtsheer ruht auf der Kriegsgräberstätte in Niederbronn-les-Bains. Endgrablage: Block 12 Reihe 18 Grab 503 Nachname:Ambagtsheer Vorname:Eran Dienstgrad:Unteroffizier Geburtsdatum:04.01.1897 Geburtsort:Budapest Todes-/Vermisstendatum:09.02.1945 Todes-/Vermisstenort:Bad.-Niederbronn | Ambagtsheer, Emeran Jan (I19561)
|
| 1143 | Erasmus, Henrick, Heijliger ende Jan, gebroederen sonen wijlen Dierck Erasmus van Grevenbroeck, gemeijnlijck genoempt Dierck Raessen, bij den selven Dierck ende wijlen Anneken zijnen huijsvrouwe dochtere wijlen Corstiaen Peeterssen van den Schoor tesaemen verweckt, Cornelis sone Cornelis Willemssen de Pruijser als man ende momboir van Marie zijnen huijsvrouwe, Barbara ende Jasperijn, gesusteren, dochteren wijlen Diercx ende Anneken voorn. met haere gecoren momboiren, Jacob Quirijnen ende Hendrick sone wijln Dierck Erasmus voorn. als wettige momboiren van Jan onmondige sone wijlen Jan Janssen Brouwers daer moeder aff was Cornelia oijck dochtere desselffs wijlen Diercx ende Anneken, ende Anthonis sone wijlen Philips Schalcken lest naegelaeten weduwer van den voorst. wijlen Cornelia, soe in dijer qualiteijt voor hem selven als mede de selve Anthonis als vader ende de voorst. Hendrick als wettich momboir van Maijken onmondige dochtere desselffs Anthonis bij hem ende de voorst. Cornelia in haeren tweeden houwelijck tsaemen geprocreert. Altesaemen in dijer qualiteijt kinderen ende erffgenaemen van wijlen Dierck ende Anneken voorn. hebben met malcanderen gemaeckt ende gedaen eene erffscheijdinge ende erffdeijlinge van seeckere goederen midts de doot ende afflijvicheijt van haere ouders geruijmpt ende achtergelaeten, soe men verclaerden. ... [transcriptie van Lia Stadhouders- van den Broek; beschikbaar via website Regionaal Archief Tilburg] | van Grevenbroeck, Dirck Raessen (I17728)
|
| 1144 | Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. | Levend (I12157)
|
| 1145 | Erfgenamen zijn de kinderen van zijn zuster Cornelia Rapholm: Gerardus, Elisabeth, Pieternella Maxulina, Johanna, Hubertus Marinus en Catharina Cornelia Harinck. De nalatenschap bestaat uit: - enige klederen (fl 45) - zilver horloge (fl 10) - schulden en begraafkosten (fl 25) - totale nalatenschap: fl 30. | Rapholm, Cornelis Swaen (I22110)
|
| 1146 | Erft 50 gulden van haar oom Gommer de Jongh | van Dalen, Elisabeth (I22245)
|
| 1147 | Erk. 1 kind. | Gezin F1095
|
| 1148 | Erk. kind: Jacobus Johannes, geb. 01-11-1834 te Vlissingen | Gezin F1694
|
| 1149 | Erkend en gewettigd door de vader (Jacob Hobein) en de moeder bij huwelijk d.d. 02-01-1839 te Vlissingen (als Ambachtsheer en zonder vader vermeld in de geboorteakte) | Hobein, Jacobus Johannes (I15668)
|
| 1150 | Erkend: Johanna Maria, geboren in Utrecht 31.05.1891 | Gezin F223745046
|